Wat is gewelddadige radicalisering?

Wat betekent die uitdrukking? Waar komt ze vandaan? Hoe verloopt het proces? Hier komt u te weten hoe u gewelddadige radicalisering kunt herkennen en hoe u erop kunt reageren.

Animatie radicalisme

Video

De uitdrukking “gewelddadige radicalisering” beschrijft het proces waardoor het gedrag, het discours en de waarden van een persoon of groep geleidelijk veranderen. Geweld wordt daarbij als een legitiem middel beschouwd om een ideologisch, politiek of religieus doel te bereiken.

Radicalisering leidt ertoe dat personen enerzijds de waarden verwerpen die ze tot dan onderschreven hebben en dat ze anderzijds geleidelijk gaan leven volgens een intolerante, gewelddadige ideologie. De verandering gebeurt doorgaans bij kwetsbare personen na een moeilijke ervaring of door de invloed van een derde in de sociale omgeving van de persoon of op het internet.

Het is wel belangrijk om te weten dat radicalisering wettelijk gezien geen strafbaar feit is en dus niet tot gerechtelijke vervolging kan leiden.

Het radicaliseringsproces heeft veel weg van ander risicogedrag (drugsverslaving, crimineel gedrag, ronseling voor sektarische organisaties enz.). Eerst en vooral gaan er psychosociale risico's mee gepaard:

  • afzondering van de persoon;
  • communicatieproblemen en conflicten met de familie;
  • breuk met vrienden, familie, school of werk;
  • risicogedrag en agressie;
  • ontwikkeling van symptomen (slapeloosheid, angst, depressie, zelfmoordneigingen).

Wanneer een radicaliseringsproces een gewelddadige dimensie omvat, ontstaan er ook risico's met betrekking tot de veiligheid van de persoon in kwestie en de openbare veiligheid. Dat is het gevaar wanneer extremistische organisaties ondersteund worden, de haat wordt gepredikt en er aanslagen worden gepleegd. De persoon plaatst zich dan niet alleen buiten de wet, maar is ook een gevaar voor zichzelf en voor anderen.

Radicalisering is een gestaag proces. De onderstaande indicatoren passen in de belangrijkste fases: het engagement, de rechtvaardiging van geweld en de voorbereiding op een gewelddaad. Het zijn dus herkenningspunten die bijdragen tot een beter begrip van de aandachtspunten inzake radicalisering.

  1. Het gedrag en uiterlijk, de waarden en het discours van de persoon veranderen geleidelijk in overeenstemming met een specifieke politieke of religieuze identiteit.
  2. De persoon ziet zichzelf en de groep waar hij of zij toe behoort als slachtoffer van onrecht en vervolging.
  3. De persoon staakt zijn of haar activiteiten en vrijetijdsbesteding en neemt afstand van goede vrienden. De persoon bezoekt geregeld sociale netwerken en fora of gaat om met personen die beweren dezelfde identiteit te delen.
  4. De persoon drukt gevoelens van woede, frustratie en onrecht steeds heviger uit, vooral ten opzichte van de staat, instellingen en democratische waarden.
  5. De persoon neemt een intolerant, racistisch discours aan of rechtvaardigt geweld voor een politiek of religieus doel.
  6. De persoon toont interesse of zelfs fascinatie voor groepen die het gebruik van geweld voor politieke of religieuze doeleinden aanprijzen.
  7. De persoon wil normen opdringen aan anderen en breekt geleidelijk aan met iedereen die de nieuwe normen weigert na te leven of hem of haar tot rede probeert te brengen. Hij of zij zondert zich af.
  8. De persoon verricht ongewoon opzoekingswerk over wapens, explosieven of andere gewelddadige hulpmiddelen.

Personen die geconfronteerd worden met de radicalisering van een kind of een naaste, voelen zich vaak machteloos en gekwetst door de veranderingen in gedrag en discours van de radicaliserende persoon. Ze kunnen ook terughoudend zijn om hulp te zoeken, omdat ze bang zijn voor negatieve gevolgen voor hun naaste of hun kind.

Voor een dergelijke situatie bestaan er nochtans verschillende goede reacties:

  1. Uit uw bezorgdheid ten opzichte van de persoon, zonder te oordelen.
  2. Vermijd tegenspraak, morele beoordeling en argumenten, die kunnen leiden tot conflicten en breuken.
  3. Toon interesse voor de motivatie van de persoon: waarom zijn die veranderingen belangrijk voor hem of haar? Wat wil hij of zij bereiken?
  4. Houd contact met de persoon.
  5. Probeer de situatie niet alleen aan te pakken, maar ga op zoek naar advies en professionele steun.

Contact

PRE-RAD
Kazernestraat 37, 1000 Brussel
02 279 65 91
0496 27 12 58
preradbravvo@brucity.be
via het contactformulier

Hadelin Feront, projectverantwoordelijke
02 279 65 91
0496 27 12 58
hadelin.feront@brucity.be

Susana Baco, pedagoge
02 279 65 50
0492 23 74 83
susana.baco@brucity.be

Sarah Zangio, sociaal werkster
02 279 65 67
sarah.zangio@brucity.be

Fayza Razzak, psychosociale werkster
02 279 65 41
fayza.razzak@brucity.be